Non-conformiteit en bewijslast
Wanneer je als ondernemer een product levert, dan moet dat voldoen aan de overeenkomst. Met andere woorden: het moet overeenstemmen met wat is afgesproken. Als dat niet het geval is, spreken we over ‘non-conformiteit’. Dit is een begrip uit het Burgerlijk Wetboek en betekent simpel gezegd dat het geleverde niet voldoet aan wat de koper mocht verwachten.
Bewijslast consumenten en zakelijke klanten
Er is een belangrijk verschil tussen levering aan een consument of aan een zakelijke partij. Bij een consumentenkoop zijn er extra ‘beschermingsregels’. Een belangrijk verschil zit hem in de bewijslast. De wet kent de hoofdregel ‘wie stelt, moet bewijzen’. In dit geval zou degene die van mening is dat het product non-conform is, moeten aantonen dat het product niet overeenkomst met wat is afgesproken. Bij consumenten geldt een belangrijke bewijsregel: als het product binnen één jaar na levering een gebrek vertoont, dan wordt aangenomen dat het al bij levering niet conform was. Bij zakelijke klanten ligt dat dus anders: die moet zelf aantonen dat een gebrek al bij levering aanwezig was.
Na de periode van één jaar verschuift de bewijslast weer naar de consument. Die zal dan net als een zakelijke klant moeten aantonen dat het gebrek bij levering aanwezig was.